Er waren eens…

…Een jongen en nog een jongen en een meisje. Ze hebben eigenlijk niks met elkaar te maken. Inderdaad, het wordt niet zo’n verhaal. Daarvoor ga je maar lekker naar www.XXXjongenjongenmeisje.nl

Ze hebben niks met elkaar te maken, behalve een gedeelde passie. Een passie voor muziek en de droom daar de rest van hun leven mee bezig te kunnen zijn. Hoe die passie precies ontstaan is, is niet helemaal duidelijk. Waarom vind je iets geweldig? Waarom kan de één uren gedachteloos zitten punniken, terwijl de ander zich na een minuut of twee al met  draad en al uit het raam zou willen slingeren?

Ik ben natuurlijk geen psychiater, maar als ik zo vrij mag zijn er tóch een staaltje psychische analyse op los te laten zou ik zeggen dat jongen 1 (laten we hem John noemen…die ken je toch niet) een vlucht uit de realiteit zocht. Jongen 2 (Ben…ken je ook niet hè?)  had simpelweg muziek door zijn aderen stromen. Een gevalletje genetisch bepaald misschien? Vader in een rockband. Moeder piano lerares. Ben kon op zijn zesde al in zijn eentje een hele rockband bezetten. En dat deed hij eigenlijk ook voor lange tijd. Het meisje uit mijn verhaal kon eigenlijk haar leven niet leven. Het was te veel, het was te fout, het was te moeilijk om in haar eentje te doen. Muziek zorgde ervoor dat ze haar hoofd net boven water hield.

Ik ga je drie korte verhalen vertellen. Het zijn geen sprookjes. Het zijn geen jongensboeken. Misschien worden ze dat nog…later. Ik ga je deze verhalen vertellen omdat ik hoop dat ik je op deze manier een beetje duidelijk kan maken waarom ik zo m’n best doe een krop sla in de wereld van pizza en bier te gooien..en deze veilig te laten landen. Dat is figuurlijk gesproken. Ik gooi niet met sla. Hoef jij ook niet te doen. En ik weet heus wel dat niet de hele muziekindustrie van pizza en bier aan elkaar hangt, maar ik overdrijf nou eenmaal graag.

John groeide op in een gemiddelde buurt. Niks extra crimineels, ook niet buitengewoon sjiek de friemel. Gewoon, gemiddeld. Hij werd al vanaf jonge leeftijd gepest omdat zijn neus een nogal…aparte vorm had. Voor de buitenwereld leek John daar goed mee om te gaan. Toen hij naar de middelbare school ging werd er dan ook gezegd: “John heeft niet veel vrienden, maar dat lijkt ons niks om je zorgen om te maken. Hij heeft al vroeg geleerd goed op zichzelf te zijn”.

John wilde helemaal niet op zichzelf zijn, maar omdat hij niks te maken wilde hebben met de sociale druk van het ‘vrienden maken’ stortte hij zich op zijn gitaar. Hij werd automatisch ‘Die jongen die geen tijd heeft voor vrienden omdat hij altijd druk is met zijn muziek’.

Fast Forward: In het begin van de tweede klas moest John er toch echt aan geloven. Scholen hebben de neiging dingen te bedenken waar je niet onderuit komt. Hoe graag je ook zou willen. Je houd het een hele tijd vol, en dan komt er die ene dag dat je echt niks meer kunt verzinnen, of gewoon keihard moet om ‘over’ te mogen. Voor mij was dat de gymles (nee, serieus..lui als een varken..ikke) voor John..de schoolmusical. John was (en is, naar mijn weten) niet ongesteld en het excuus van niet kunnen acteren ging ook niet op. De naam zegt het al..in een musical mag ook muziek gemaakt worden.

John werd samen met vier andere jongens gebombardeerd tot muzikale begeleiding bij een verhaal over prinsen, prinsessen en wandelende broden (echt!). Hij had deze jongens nog nooit in zijn leven gezien, laat staan gesproken. Ook deze jongens waren van het type ‘sluit-me-op-en-doe-m’n-ding’. Wat tot gevolg had dat daar een zeer sociaal gestoord, maar muzikaal perfecte five-piece stond weg te rammen op gitaren en drumstellen.

 

Faster forward: Na matig succes van de bewuste musical (kom op zeg…wandelende broden?!) maar een enorm succes op het gebied van muzikaal samenspel, besloten deze jongens elkaar toe te laten in hun afgesloten muziekbubbel en een schoolbandje te vormen.

Ze waren goed. Vrienden kwamen. Veel vrienden kwamen en van het ene cliché kwam het andere: De band had succes. De band maakte een demootje. De band werd gevonden en getekend.

Ook daarna denderde de trein voort en in minder dan twee jaar speelde deze verzameling ‘loners’ in de grootste zalen en op de grootste festivals van het land.

Tot zover het jongensboek.

Door de snel stijgende populariteit van de band en de jongens, werd even ‘vergeten’ dat er onder het blinkende muzikale succes nog een laagje mens zat dat vergeten was mee te evalueren met de ontwikkelingen om hem heen. John was bang. Bang voor de aandacht van buitenaf en bang voor de jongens met wie hij vanaf nu 24 uur per dag door zou brengen. Succes doet namelijk niet aan me-time.

Mensen willen succes niet remmen. Mensen willen al helemaal niet tegen succes in gaan. En wanneer iemand van andermans succes zelf beter kan worden, zal hij wel twee keer nadenken voordat hij een emmertje water gaat gooien op een vuurtje dat dan misschien wel…uit gaat.

Dus John blowde er lustig op los. Het was zijn manier om om te gaan met de angst, druk, spanning en eeuwige aanwezigheid van anderen. Dat was prima. John functioneerde naar behoren. Tenminste, hij speelde zijn ding, was meestal aanwezig wanneer dat moest en veroorzaakte geen problemen binnen de band…

…omdat hij zich langzaam aan het terugtrekken was. Zijn interesse was aan het verschuiven. Hij wilde terug naar iets voor zichzelf. Hij vond de zanger een arrogante eikel. De drummer was meer bezig met het veroveren van meisjesharten dan met het inbrengen van geniale muzikale composities..en het kon niemand wat schelen.

John begon een eigen platenlabel. Dat kon, want behalve zijn bestedingen aan pretsigaretten waren zijn uitgaven minimaal. Geen nieuwe auto’s, geen luxe appartement, dure kleren of andere verwennerijtjes. Gewoon een passie voor muziek en een verdoving voor de dagelijkse rompslomp.

John’s platenlabel werd een klein succesje en nadat de spanningen binnen de band tot een kookpunt kwamen (door muzikale verschillen, persoonlijke verschillen en alle andere verschillen die mogelijk zijn) besloot hij er een punt achter te zetten en zich volledig op zijn label te richten.

Als je nu de naam van het label zou Googlen, vind je daar een distributeur van medicinale marihuana. John’s oude band heeft recentelijk een doorstart gemaakt en John…John wenst ze via Facebook nog steeds alle succes.

Dat was John.

Ik zal jullie de hele geschiedenis van Ben en Meisje besparen.

Ben werd door een machtige muziekmeneer in een band geplaatst. Ben raakte creatief gefrustreerd en boos. Ben voelde zich niet gehoord en barste van binnen van de muzikale ideeën die hij niet kwijt kon. Ben’s belangrijkste taak binnen de band is tot op de dag van vandaag het oppikken van meisjes voor hem, zijn band en crew. Ben is 36. Hij rookt niet, drinkt niet en gebruikt geen drugs. Ben slaapt elke nacht met een ander meisje van 16. Ben is doodongelukkig.

Meisje heeft nooit een snaar kunnen raken. Zong met passie en volle overgave…maar alleen in de douche en voelde zich om deze redenen geroepen tot een leven achter de schermen. Een enorme passie en fascinatie voor muziek, maar een onzekerheid de grote van de Mount Everest werkte nou eenmaal niet zo goed in ‘the spotlight’. Meisje is vandaag de dag nog steeds aan het herstellen van haar ‘rookie years’ in de business. Jaren van drank en drugs, feestjes en druk, netwerk borrels en gastenlijsten, coke deals en net-niet deals slingerde haar van pafferige vijftonner naar mager musje en weer terug. Meisje doet het tegenwoordig anders…die red het wel.

 

Dramatiseer ik het nou? Zeg jij het maar. Dit is niet de standaard in de muziekindustrie. Of…”Dit gebeurt de beste bedrijfstak”. Waarheid als een koe! Ben het helemaal met je eens, en ben de laatste die je zal tegenspreken. Als ik niet beter zou weten en alleen deze tekst tot mijn beschikking zou hebben, zou ik ook denken:” Wat is dat voor een zooitje daar?”

Feit is, ik ken deze mensen. Sterker nog, ik was er één. Ik ben geen veteraan die decennia van ervaring in de business heeft en die de hele wereld heeft afgereisd met de groten der aarde. Maar ik kan wel zonder enige moeite te hoeven doen drie niet zo fraaie verhalen neerkrabbelen. Zegt dat iets? Zegt het iets wanneer ik je vertel dat ik met iets meer moeite nog drie van die verhalen kan vertellen?

De muziekindustrie is een fascinerende en  vaak machtig mooie business om in te werken. Maar een troep is zó gemaakt en nog niet zo gemakkelijk opgeruimd…

…just sayin’

 

About Marlieke Theloosen

Ik ben iemand van extremen.
Ik ben een beetje gestoord, maar wel van de categorie Prettig.
Ik heb idealen en ambities en ik heb een hekel aan regels.
Ik wil je helpen, maar ik vertik het om je handje vast te houden.
Ik ben een beetje Betty Page en een beetje moeder Theresa.
Ik hou van Rock 'n Roll en van worteltjes.
Ik hou van Cocktails en Kettlebells.
...
I'm a healthfreak. I'm a music lover...and I perfectly know how to blend them.
I prefer my cocktail with just a sniff of carbs, some fatty's and a bunch of protein, shake it with some sweat and heavy metal and serve on the rocks!!
...
Personal Trainer met een BA in Music Management...dat ben ik.

Speak Your Mind

*